Zijn plastic verpakkingen echt zo slecht voor het milieu?

Duurzame alternatieven voor bestaande plastic verpakkingen zijn top of mind in verpakkingsland. Regelmatig krijgen we dan ook de vraag om duurzame alternatieven voor plastic verpakkingen voor te stellen. De meest gestelde vragen over duurzaam verpakken en andere vragen over en rondom verpakkingen gaan we maandelijks beantwoorden in een blog. Deze vraag van deze maand is: “Zijn plastic verpakkingen echt zo slecht voor het milieu?”

De oorzaak van de vraag om duurzame alternatieven voor plastic verpakkingen

Beelden van bermen vol zwerfafval, vissen met plastic in hun maag en de plastic soep in de oceanen hebben bijgedragen aan een roep om milieuvriendelijke(re) verpakkingen. Uit onderzoek blijkt dat er jaarlijks tussen de 4 en 13 miljoen ton plastic in de oceaan belandt. Van al het afval op Europese stranden afkomstig uit zee is 49 procent wegwerpplastic, 27 procent is afkomstig van visnetten, en slechts 18 procent is iets anders dan plastic. Van het wegwerpplastic worden drinkflesjes, doppen, sigarettenpeuken en wattenstaafjes het meest gevonden op de stranden.

Internationale besluiten om zwerfafval te voorkomen

Overheden hebben nationaal en internationaal de handen ineen geslagen om uitbreiding van de plastic soep te voorkomen en diverse wet- en regelgeving opgesteld. Het doel van deze maatregelen is om een circulaire economie te bevorderen door zich te richten op recycling.

Anno 2020 werd nog slechts 30 procent van het Europese plastic verpakkingsafval ingezameld voor recycling. En ook dit ingezamelde afval wordt niet allemaal gerecycled. Daar valt dus nog een heleboel winst te behalen.

Het imago van plastic

Plastic krijgt door de plastic soep onterecht een slecht imago. Want als plastic afval in de goede afvalstroom terecht komt, is het helemaal niet zo slecht. Dan is het namelijk prima te vermaken tot grondstoffen voor nieuwe plastic producten. Beter dan papier.

Plastic verpakkingen zijn bovendien in staat om de houdbaarheid en hygiëne van een product te handhaven of te verbeteren. Een voorbeeld van een onterecht negatief imago van plastic is het plastic tasje. In deze uitzending van Radar wordt onderzocht wat het beste is: een tasje van plastic, papier of katoen. Daarin wordt het volgende gezegd:

“Volgens Anne Kluiver van Milieu Centraal moet je de katoenen tas ongeveer 75 keer gebruiken om hem net zo’n impact op het milieu te laten hebben als een plastic zak die je een aantal keer gebruikt. Om de milieu-impact van een plastic zak af te laten nemen moet je deze ongeveer 10 keer gebruiken. Plastic is dus niet per definitie de slechtste optie.

De uitvinder van de plastic tas bedacht in 1959 deze tas met het idee ‘m zo vaak mogelijk her te gebruiken. Destijds werden vooral papieren tassen gebruikt, maar hier moesten veel bomen voor gekapt worden. Ook Milieu Centraal is niet enthousiast over de papieren tas. Anne kluiver zegt: ‘Papieren tassen zijn niet per definitie beter voor milieu dan een plastic tas, want voor een papieren tas is veel meer materiaal nodig om dezelfde draagkracht te krijgen als een plastic tas.”

plastic verpakkingen slecht voor het milieu

Misverstanden over duurzaam verpakken

ABN AMRO heeft in december 2020 een uitgebreid rapport uitgebracht, genaamd ‘Duurzaam verpakken. De haat-liefdeverhouding tussen consument en plastic verpakkingen’. Daaruit blijkt dat de vraag naar duurzame verpakkingen groeit, maar dat de consument niet (altijd) weet of de verpakking duurzaam is of niet.

Dat komt omdat ze bijvoorbeeld de verschillende functies van verpakkingen niet kennen of niet tegen elkaar kunnen afwegen. Een veelgebruikt voorbeeld daarvan is de plastic verpakking om een komkommer of paprika. Die is namelijk bedoeld om de houdbaarheid van deze producten te verbeteren en daardoor voedselverspilling tegen te gaan. De consument weet dit niet (goed genoeg) of kan het gebruik van het plastic niet opwegen tegen de milieu impact van voedselverspilling.

AH geeft nog een ander voorbeeld: “Onze stokbroden zijn in 100% recyclebaar plastic verpakt. Dit doen we omdat plastic in dit geval minder belastend is voor het milieu dan papier. De zakken kunnen in de plastic afvalbak. En een stokbrood vervoeren zonder verpakking is onhygiënisch.”

Een veelgebruikt misverstand over duurzaam verpakken is de plastic verpakking om een komkommer of paprika. Die is namelijk bedoeld om de houdbaarheid van deze producten te verbeteren en daardoor voedselverspilling tegen te gaan. De consument weet dit niet (goed genoeg) of kan het gebruik van het plastic niet opwegen tegen de milieu impact van voedselverspilling.

Er moet altijd gekeken worden naar de klimaatimpact van een verpakking samen met die van het product dat het beschermt. De milieu-impact van een gemiddeld voedingsproduct zit gemiddeld voor 85% in het product en het transport ervan en voor 10% in de verpakking.

Deze grote verschillen in relatieve impact zeggen niets over wat er aan verschillende verpakkingen te verbeteren valt. Het betekent wel dat verbeteringen aan de klimaatimpact van verpakkingen niet ten koste moeten gaan van de levensduur van de inhoud, omdat het milieu daar vaak meer onder te lijden heeft.

De term duurzame verpakking is, in het geval van primaire voedselverpakkingen, eigenlijk een pleonasme. Verpakken is al verduurzamen. Je hoeft minder vaak naar de winkel, het is hygiënischer, er zitten veel minder micro-organismen in ons eten dan vroeger en het leidt tot minder voedselverspilling, en dat komt mede door het gebruik van plastic.

Alternatieven voor plastic soms slechter voor het milieu

Alternatieven voor plastic kunnen het milieu nog erger belasten dan plastic. Zo zorgt bijvoorbeeld de productie van papieren tassen voor een hogere CO2-uitstoot dan de productie van plastic tassen.

Een ander voorbeeld is die van glazen flessen versus plastic flessen, waarbij het vervoer van glazen flessen door hun gewicht leidt tot hoger brandstofverbruik. Niet-verpakken vermindert uiteraard het gebruik van plastic, maar omdat veel voedingsproducten zonder verpakking eerder bederven neemt de voedselverspilling toe, wat ook weer ten koste gaat van de duurzaamheid.

Voedselverspilling door consumenten kost in Nederland ongeveer 131 kilo CO2 per persoon per jaar (en 28% van het landgebruik per jaar). Rekenen we zuivel door de gootsteen mee, dan komt de uitstoot van verspilling op 154 kg CO2. Dat is 8 tot 10% van de broeikasgasemissies veroorzaakt door ons voedsel. Met name vlees(waren), zuivel, sauzen/vetten, groente, fruit en brood dragen door verspilling bij aan de klimaatbelasting.

Bij vlees is het dubbel belangrijk om verspilling te voorkomen. Vlees heeft een hoge klimaatimpact, de productie ervan zorgt voor veel uitstoot van broeikasgassen. Als een deel daarvan wordt weggegooid, wordt de impact nog hoger.

Niet alleen de productie, maar ook het recyclen van alternatieven voor plastic kan slechter zijn voor het milieu. Zo kost het recyclen van papier net zoveel energie als het produceren van papier uit hout. Dat zorgt voor milieubelasting. Onderstaande tabel laat zien dat de CO2 uitstoot bij het recyclen van karton en papier vele malen hoger is dan bij plastic.

CO2 uitstoot bij recyclen producten en CO2 uitstoot bij productie producten

© zerowaste.com

Antwoord op de vraag: Zijn plastic verpakkingen echt zo slecht voor het milieu?

Plastic verpakkingen zijn niet perse slecht. Plastic is sterk en goed recyclebaar mits het in de goede afvalstroom terecht komt. Er ligt nog een grote rol van de overheid en bedrijven om consumenten te informeren over de keuze voor een verpakking om misverstanden weg te nemen en de consument in staat te stellen de meest duurzame beslissing te nemen.

 

Meer weten over dit onderwerp? Lees dan over vervangers voor deze plastic verpakkingen in deze blog.